From 1 - 10 / 54
  • Dit kaartbeeld laat een globaal beeld zien van de geschatte gemiddelde (nitraat)belasting in het grondwater (situatie periode 2030 - 2040) bij voortzetting van het mestbeleid (op basis van MINAS verliesnormen; situatie eind jaren negentig) en de huidige hydrologische situatie. EU-norm grondwater; 50 mg nitraat per liter; dit is het Maximaal Toelaatbare Risico: MTR

  • Gebieden waarin een bepaald kweltype de overhand heeft afhankelijk van de opbouw van de ondergrond, herkomst van het kwelwater en de wijze van uittreden (in de sloot of aan maaiveld).

  • Deze kaart geeft de gebieden weer waarbij de stijghoogte in het eerste watervoerend pakket hoger is dan de freatische voorjaars-grondwaterstand, waardoor er sprake is van een opwaartse grondwaterbeweging. Aangemaakt door NITG-TNO op basis van het Actueel Hoogtebestand Nederland (RWS-MD, 1999), Bodemkaart (Sc-dlo, 1963-1984), Stijghoogte in het eerste watervoerend pakket (REGIS, 1998).

  • Gridkaart met kweltypen onderverdeeld soort kwel en voorkomen in het verleden. De betekenis van de codes van het grid zijn alsvolgt: 1= sterke kwel; 2= meestal kwel, soms sterk; 3= meestal kwel; 5= soms kwel; 6= infiltratie.

  • Gridbestand met ligging van gebieden met kwel in de wortelzone. Gridwaarde 1 = maaiveldkwel.

  • Stroomgebieden van waterlopen met een natuurfunctie (vrij afwaterend) berekend op basis van de hoogteligging van het maaiveld (AHN (RWS-MD, 1999)). Aangemaakt door NITG-TNO.

  • Overzicht van slootdichtheid in provincie Noord-Brabant. Slootdichtheid is de gemiddelde slootlengte in meter per hectare voor een cirkelvormig gebied met een straal van 500 meter.

  • Regionale waterberging gebruikt in de IHS (Integraal Hydrologisch Streefbeeld). Het zijn overstromingsgebieden met frequentie 1 maal per 20 jaar. Gebieden die eens per 20 jaar of vaker in de huidige situatie inunderen, rekening houdend met klimaatsveranderingen.

  • De waarde per gridcel geeft de grondwatertrap aan in cm onder het maaiveld. De volgende indeling is gebruikt: GT I: GLG < 50 GT IIa: GHG < 25 GLG 50 - 80 GT IIb: GHG 25 - 80 GLG 50 - 80 GT IIIa: GHG < 25 GLG 50 - 80 GT IIIb: GHG 25 - 40 GLG 80 - 120 GT IV: GHG 40 - 120 GLG 80 - 120 GT Va: GHG < 25 GLG > 120 GT Vb: GHG 25 - 40 GLG > 120 GT VI: GHG 40 - 80 GLG > 120 GT VII: GHG 80 - 140 GLG > 120 GT VIII: GHG > 140 GLG > 120

  • Gridbestand met de diepte van de overgang van brak naar zout grondwater.